Robert-Janssen
 
NL / EN / DE

Goed nieuws voor verhuurders en VvE’s: Tweede Kamer stemt in met wijziging Warmtewet

Bij de invoering van de Warmtewet zijn ook verhuurders, die warmte leveren aan hun huurders via bijvoorbeeld stadsverwarming of blokverwarming, aanvankelijk als warmteleverancier aangemerkt. Daardoor dienen zij op dit moment te voldoen aan een aantal vergaande verplichtingen uit de Warmtewet. Zo moeten zij een warmteleveringsovereenkomst aangaan met de verbruikers en zijn zij gebonden aan een maximaal in rekening te brengen tarief. De herziening van de Warmtewet maakt hier een einde aan. Ook voor VvE’s komt een einde aan de verplichtingen uit de Warmtewet.

Evaluatie Warmtewet

Na inwerkingtreding van de Warmtewet op 1 januari 2014 kwam er veel kritiek: de wet bleek geen rekening te houden met het huurrecht. Wanneer de warmteleverancier de verhuurder is, zijn de huurders de verbruikers. Het was onduidelijk of en hoe de Warmtewet hierop moest worden toegepast. Ook voor Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) bestonden er onduidelijkheden. Kritiek bestond onder meer uit:

  • Verhuurders en VvE’s worden geconfronteerd met hoge en disproportionele administratieve lasten en extra kosten;
  • Verhuurders en VvE’s die zelf warmte afnemen van een externe warmteleverancier en deze vervolgens doorleveren aan verbruikers, kunnen de kosten die zij maken voor levering niet altijd in rekening brengen. Zij zijn – in tegenstelling tot de externe warmteleverancier gebonden aan een maximumtarief;
  • Er is sprake van samenloop tussen de Warmtewet en het huurrecht, zodat onduidelijkheid bestaat over de rechtspositie van zowel de verhuurder als de huurder.

Beperkingen van het toepassingsbereik van de Warmtewet

Om aan de bezwaren van de verhuurders en VvE’s tegemoet te komen, voorziet het aangenomen wetsvoorstel in een wijziging van de Warmtewet. Met deze wijziging worden twee situaties van blokverwarming uitgezonderd van het grootste deel van de Warmtewet. De bepalingen ten aanzien van de meetverplichting blijven echter – in verband met Europees recht – wel van toepassing.

Verenigingen van Eigenaars

Voor VvE’s geldt dat de levering van warmte door een leverancier die tevens de VvE is, wordt uitgesloten van de Warmtewet. Leden van VvE’s zijn dus niet meer aan te merken als een verbruiker in de zin van de Warmtewet. Zij kennen daardoor ook niet meer de bescherming die de Warmtewet biedt. De wetgever merkt op dat leden van de VvE inspraak hebben in beslissingen over de wijze waarop het gebouw verwarmd wordt en de voorwaarden waaronder dat gebeurt, waaronder de kosten die daarvoor gelden. Leden van de VvE hebben op die wijze dus reeds invloed op de hoogte van de tarieven.

Verhuurders

Ook voor verhuurders geldt dat de Warmtewet straks niet meer van toepassing is. Huurders worden volgens de wetgever al beschermd tegen mogelijk machtsmisbruik, omdat de kosten van warmtelevering worden aangemerkt als kosten voor nutsvoorzieningen met een individuele meter of servicekosten. Huurders hebben op dit punt al rechtsbescherming via de huurcommissie. Zo wordt verzekerd dat huurders niet meer dan een redelijke prijs betalen voor hun warmte.

Vervolg

Zoals opgemerkt is het wetsvoorstel tot herziening van de Warmtewet op 6 maart 2018 aangenomen door de Tweede Kamer. Het voorstel zal nu nog langs de Eerste Kamer moeten. Wanneer de wetswijziging daadwerkelijk in werking zal treden, is dus nog onbekend.

Deze bijdrage werd geschreven door: mr. Robert Janssen, sectie Vastgoed & Overheid (rjanssen@thuispartners.nl)

Algemene voorwaarden Disclaimer Privacyverklaring Cookieverklaring