Yvonne-Dortant
 
NL / EN / DE

Wetsvoorstel transparantieregister zorg

Inleiding

In 2012 heeft de Stichting Code Geneesmiddelen Reclame (hierna: ‘CGR’) de Stichting Transparantieregister Zorg opgericht. Het doel van deze stichting is om een centraal register met gegevens over bepaalde financiële relaties tussen zorgverleners, zorginstellingen en bedrijven te beheren. Hierdoor worden de financiële relaties van zorgaanbieders en farmaceutische bedrijven inzichtelijk gemaakt. Sinds 2016 kunnen ook de financiële relaties tussen zorgverleners en medische hulpmiddelenbedrijven in het register worden opgenomen.

Bedrijven en onderzoekers werken samen met zorgverleners en zorginstellingen om nieuwe en betere geneesmiddelen, medische hulpmiddelen en behandelmethoden te ontwikkelen. Aan deze samenwerkingsverbanden zijn soms geldstromen verbonden. Om te voorkomen dat deze geldstromen het ter hand stellen, gebruiken of verkopen van geneesmiddelen en/of medische hulpmiddelen beïnvloeden, zijn er diverse verboden opgenomen in de wet. Tevens is middels het Transparantieregister Zorg getracht inzicht te krijgen in de samenwerkingsverbanden en geldstromen. Patiënten moeten er op kunnen vertrouwen dat geneesmiddelen of hulpmiddelen die zij krijgen voorgeschreven, alleen gekozen worden omdat ze medisch gezien op dat moment de beste keuze zijn.

Het Transparantieregister Zorg is op dit moment een vrijwillig register waarin niet alles wordt gemeld. Er wordt bovendien geen toezicht op de registratie gehouden. Het initiatiefwetsvoorstel stelt onder andere voor om registratie in het register verplicht te maken voor alle transacties groter dan vijftig euro tussen de farmaceutische- en de hulpmiddelenindustrie en een beroepsbeoefenaar of een patiëntenvereniging.

Verbod op gunstbetoon

In artikel 94 Geneesmiddelenwet en artikel 10h Wet op de medische hulpmiddelen is een verbod op gunstbetoon opgenomen. Kort samengevat houdt dit verbod in dat het niet toegestaan is om geld of op geld waardeerbare diensten of goederen in het vooruitzicht te stellen met het kennelijke doel het ter hand stellen, gebruiken of verkopen van geneesmiddelen of medische hulpmiddelen te bevorderen.

Het is mogelijk dat een arts een bepaald middel hanteert omdat de fabrikant hem betaalt voor zijn (wetenschappelijk) onderzoek of hem andere gunsten verleent. Ook kan een arts worden gevraagd voorlichting te geven over een bepaald middel in ruil voor een tegemoetkoming. Door deze gunsten, kan de arts worden beïnvloed een bepaald middel vaker aan te schaffen, te hanteren of te adviseren. Reclame en beïnvloeding zijn toegestaan, maar als uitgangpunt daarbij geldt dat de patiënt er op moet kunnen vertrouwen dat beslissingen met betrekking tot een bepaald hulpmiddel of technologie worden genomen op zorginhoudelijke, integere gronden. Dat betekent op basis van goede, betrouwbare informatie en zonder ongewenste financiële prikkels.

Op het verbod op gunstbetoon zijn uitzonderingen gemaakt. Bij geneesmiddelen is een samenwerking die kan worden gekwalificeerd als een gunstbetoon, onder andere, toegestaan indien de beroepsbeoefenaar een prestatie verricht die in redelijke verhouding staat tot de tegemoetkoming én de samenwerking van belang is voor de uitvoering van de geneeskunst, de farmacie, de tandheelkunst, de verpleegkunst of de verloskunst. Bij medische hulpmiddelen is een samenwerking die kan worden gekwalificeerd als gunstbetoon onder andere toegestaan indien de beroepsbeoefenaar geld of op geld waardeerbare diensten of goederen krijgt aangeboden die een geringe waarde hebben én de samenwerking relevant is voor de uitvoering van diens beroep, maar de beroepsbeoefenaar geen tegenprestatie hoeft te verrichten.[1]

Bovenstaande uitzonderingen zijn slechts enkele voorbeelden van de in de wet genoemde uitzonderingen. De uitzonderingen zijn gemaakt omdat de samenwerkingen tussen zorgprofessionals en bedrijven ook heel veel positieve ontwikkelingen opleveren zoals innovatie en wetenschappelijk onderzoek. Bij medische hulpmiddelen is het bovendien wettelijk verplicht een klinische onderbouwing van de medische hulpmiddelen door middel van klinische proeven te doen. Hiervoor is de samenwerking tussen zorgprofessional en bedrijven ook inzetbaar.

Nederlandse gedragscodes en Wetsvoorstel transparantieregister zorg

Om de beïnvloeding van samenwerkingsverbanden in de zorg op het ter hand stellen, gebruiken of verkopen van middelen zo veel mogelijk te beperken, zijn er verschillende gedragscodes opgesteld.[2]

Volgens Tweede Kamerlid Ploumen (initiatiefneemster van het wetsvoorstel) zijn er desondanks onvoldoende regels ten aanzien van informatieverstrekking om het verbod op gunstbetoon te waarborgen. Bovendien zijn er in het huidige Transparantieregister Zorg veel zaken niet opgenomen. Daarnaast is gekeken naar de regelingen in andere landen. Onder ander in Frankrijk, België en USA zijn wettelijke verplichte regelingen.

Het voorstel is: “een einde te maken aan de zelfregulering en net als in andere landen ook in Nederland wettelijk vast te leggen dat bedrijven alle financiële relaties met zorgaanbieders moeten melden. Alleen wanneer alle reacties tussen bedrijven en zorgaanbieders transparant en openbaar zijn kan gezien worden of er sprake is van ongewenste beïnvloeding."[3]

Het voorstel is om een vervangend register voor het Transparantieregister Zorg onder te brengen bij de CIBG.[4] In het nieuwe register wordt verplicht vermeld:

  • iedere transactie vanaf € 50,00 (betalingen, vergoedingen of geschenken van farmaceutische industrie en medische hulpmiddelenfabrikant aan beroepsbeoefenaren);
  • consultancy-contracten;
  • bijdragen van de industrie voor wetenschappelijk onderzoek;
  • betalingen en schenkingen die niet rechtstreeks van de fabrikant komen maar bijv. via een groothandel of hulpmiddelenleverancier;
  • een geschenk of geld gegeven aan een derde, een medisch secretaresse of een medische bibliotheek vanwege een prestatie van een beroepsbeoefenaar, wordt geregistreerd als een transactie tussen de beroepsbeoefenaar en de fabrikant (idem voor betaling door de industrie aan een Stichting die het geld voor onderzoek herverdeelt);
  • betalingen van de industrie aan patiënten-consumentenorganisaties;
  • betalingen van buitenlandse bedrijven.

Twee keer per jaar dient er gemeld te worden: over de periode vóór 1 juli en over de periode vóór 1 januari. Er is een correctiemogelijkheid van vier weken. Daarna worden de gegevens openbaar en voor iedereen inzichtelijk. De gegevens blijven vijf jaar openbaar.

De handhaving en opsporing van overtredingen komt in handen van de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd. Zij kunnen een sanctie opleggen die in de Geneesmiddelenwet maximaal € 830.000,00 is, althans een boete van de zesde categorie volgens artikel 23 lid 4 Wetboek van Strafrecht.

Reacties op het wetsvoorstel

Vooralsnog zijn er twaalf reacties op het wetsvoorstel ingediend. Over het algemeen zijn de partijen die gereageerd hebben, het er over eens dat het doel dat Tweede Kamerlid Ploumen met dit initiatiefwetsvoorstel probeert na te streven van belang en noodzakelijk is. De partijen zijn het er echter niet over eens of dit doel (uitsluitend) bereikt kan worden door het ingediende wetsvoorstel. Een van de veelgenoemde opmerkingen op het voorstel is dat er binnenkort een evaluatie van het Transparantieregister Zorg wordt verwacht, waar de partijen graag op wachten. Daarnaast zijn er grote zorgen over de lastenverzwaring voor bedrijven en beroepsbeoefenaren in de praktijk. Tevens is nog onvoldoende onderzoek gedaan of de voorgestelde gegevensverwerking mogelijk is in het kader van de AVG en wordt door verschillende partijen voorgesteld hierover advies in te winnen bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

Slot

Of het wetsvoorstel wordt voortgezet en wanneer dit nieuwe Transparantieregister Zorg van toepassing wordt, is niet duidelijk. In ieder geval houden we de ontwikkelingen op dit onderwerp in de gaten en informeren wij u indien nodig.

Dit is een bijdrage van Yvonne Dortant (ydortant@thuispartners.nl).



[1] Voor alle uitzonderingen verwijzen wij u naar de wettelijke bepalingen.

[2] Onder andere: de stichtingen Keuringsraad Openlijke Aanprijzing Geneesmiddelen (KOAG) en Keuringsraad Aanprijzing Gezondheidsproducten (KAG), de stichting Code Geneesmiddelenreclame (CGR), de Vereniging van Nederlandse Fabrikanten van Kinder- en Dieetvoedingsmiddelen (VNFKD), de Commissie Aanprijzing Veterinaire Producten (CAVP), de Gedragscode Medische Hulpmiddelen en de Gedragscode fondsenwerving voor de leden van de Patiëntenfederatie Nederland.

[3] Wet Transparantieregister Zorg, Memorie van Toelichting, pag. 8.

[4] De uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport waar ook het BIG-register en het Donorregister is ondergebracht.

Algemene voorwaarden Disclaimer Privacyverklaring Cookieverklaring